De verschillende Benamingen

Er is veel verwarring ontstaan doordat sommigen dachten: "In mijn bijbel vind ik de doop in de Heilige Geest, vervulling met de Geest, het ontvangen van de Geest en nog andere zaken. Waarom zoveel namen als het om één ervaring zou gaan?" Deze en vragen als: Is het uberhaupt wel één ervaring? Of zijn sommige van die benamingen dezelfde ervaring en andere benamingen over de Heilige Geest niet? Hier is om te beginnen met duidelijkheid verschaffen een overzicht van verschillende benamingen.

Tabel: Verschillende Benamingen
  1. "Doop in" de Heilige Geest en "gedrenkt" (=vanwege gebruik van het zelfde werkwoord dus ook hetzelfde als "gedoopt" met één Geest)
    [Let op in de grondtekst is het werkwoord dopen NIET met het woord "met" maar altijd met het woord "in", zo ook hier,
    dus "De Doop IN de Heilige Geest"]
  1. Mattheüs 3:11, Marcus 1:8, Lukas 3:16, Johannes 1:33, Handelingen 1:5, Handelingen 8:16 (zinspeling op), Handelingen 11:16, 1 Corinthe 12:13
  1. "Ontvangen" van de Heilige Geest
  1. Johannes 7:39; 14:17, Handelingen 8:15, 17, 19; 10:47; 19:2, Romeinen 8:15, 23, 1 Corinthe 2:12, Gelaten 3:2
  1. "gave van God" (=hetzelfde als in oud Nederlands, met tweede naamval, "gave Gods") "Geven" van de Heilige Geest (=weer zelfde werkwoord behorend bij het zelfstandig naamwoord "gave")
  1. Handelingen 8:18, 20; 10:45; 11:17
  1. "Viel de Heilige Geest op ...(personen)"
  1. Handelingen 10:44; 11:15
  1. "Kwam de Heilige Geest over ...(personen)"
  1. Handelingen 1:8 en 19:6
  1. "Vervuld zijn met de Heilige Geest"
  1. Handelingen 2:4, Handelingen 4:8, Handelingen 4:31, Handelingen 9:17, Handelingen 13:9, Handelingen 13:52, Efeze 1:23 (Geest van Christus, dus de HG), 3:19 (alle volheid van God), 5:18
  1. "Belofte van de Vader"
  1. Handelingen 1:4


Conclusie:
  1. Wij komen een aantal verschillende benamingen tegen, in handelingen 1 en 2.
    (4) "En terwijl Hij met hen aanzat, gebood Hij hun Jeruzalem niet te verlaten, maar te blijven wachten op de belofte van de Vader, die gij," zeide Hij, "van Mij gehoord hebt. (5) Want Johannes doopte met water, maar gij zult met de heilige Geest gedoopt worden, niet vele dagen na deze."

    Het woord woord "want" in vers 5 is een verwijzing naar vers 4. "De belofte van de Vader" is dan ook niets anders dan "met de Heilige Geest gedoopt" worden. Jezus verklaart in vers 5 nader wat de belofte van de Vader inhoud. Nogmaals net als de evangeliën zeiden, benadrukt Hij dat Johannes met water doopt maar Hij met de Heilige Geest zal dopen. (Mattheüs 3:11, Marcus 1:8, Lukas 3:16, Johannes 1:33)

    [CONCLUSIE A: Punt 7 en Punt 1 van de tabel verschillende benamingen spreekt over dezelfde ervaring.]


  2. (8) "Maar gij zult kracht ontvangen, wanneer de Heilige Geest over u komt, en gij zult mijn getuigen zijn te Jeruzalem en in geheel Judea en Samaria en tot het uiterste der aarde."

    Jezus komt kort tot de kern van zijn laatste woorden voor zijn opname naar de hemel. En dit is het moment dat Hij spreekt over het moment dat "de Heilige Geest over" hen gaat komen. (Punt 5) De mensen waar Jezus hier met "u" aan refereerde, zijn hier de bijeengekomen discipelen. Deze waren ook in de bovenzaal in Handelingen 2. Alle theologisch opdeelbare groepen in het Christendom zijn het er over eens dat Jezus hier driemaal in de verzen 4, 5 en 8 refereerde naar één moment, de ervaring van Handelingen 2.

    [CONCLUSIE B: punt 1, 5 en 7 spreekt over dezelfde ervaring.]

  3. Deze genoemde ervaring wordt als volgt omschreven in Handelingen 2 door Lukas.
    (1) "En toen de Pinksterdag aanbrak, waren allen tezamen bijeen. (2) En eensklaps kwam er uit de hemel een geluid als van een geweldige windvlaag en vulde het gehele huis, waar zij gezeten waren; (3) en er vertoonden zich aan hen tongen als van vuur, die zich verdeelden, en het zette zich op ieder van hen; (4) en zij werden allen vervuld met de heilige Geest en begonnen met andere tongen te spreken, zoals de Geest het hun gaf uit te spreken."

    Wat wij hier lezen dat allen "vervuld met de Heilige Geest" worden. "Vervuld met de Heilige Geest" was in onze opsomming punt 6. Dus punt 6 is de Handelingen 2 ervaring. We hadden al geconcludeerd dat punt 1, 5 en 7 hier ook over spraken. Dit betekend een toevoeging aan onze conclusie.

    [Conclusie (C): "punt 1, 5, 6 en 7 gaat om dezelfde Handelingen-2-ervaring."]

  4. In onze volgende tekst lezen we over Petrus. Petrus was op grond van een visioen naar Cornelius toegekomen. Hij had dit visioen drie keer gehad. Dit omdat hij anders misschien niet te bewegen was geweest, of omdat de verdediging in hoofdstuk 11 dan minder goed had kunnen aflopen. Wat was namelijk het probleem? Onder het dak komen van een niet jood was namelijk tegengesteld aan de joodse traditie, dat deed je niet als jood. Rabbijn Sjammai had in 8 na Christus 18 edicten uitgebracht die onder andere dit verboden. Nu hij uiteindelijk dan toch in het huis aan het preken is gebeurde dit.

    (44) "Terwijl Petrus deze woorden nog sprak, viel de Heilige Geest op allen, die het woord hoorden. (45) En al de gelovigen uit de besnijdenis, die met Petrus waren medegekomen, stonden verbaasd, dat de gave van de Heilige Geest ook over de heidenen was uitgestort, (46) want zij hoorden hen spreken in tongen en God grootmaken. Toen merkte Petrus op: (47) Zou iemand het water kunnen weren, om dezen te dopen, die evenals wij de Heilige Geest hebben ontvangen? (48) En hij beval hen te dopen in de naam van Jezus Christus." (Handelingen 10:44-48a)

    Handelingen 10:44-48 heeft het over drie van onze punten uit de tabel verschillende namen (MERK OP DIT ZIJN DE NOG ONTBREKENDE PUNTEN UIT DIE TABEL) :
    1. Heilige Geest ontvangen (10:47) Punt 2 uit de tabel verschillende benamingen. Deze tekst is een duidelijke verwijzing naar vers 44
    2. Gave van de Heilige Geest uitgestort (10:45) Punt 3 uit de tabel. Duidelijke verwijzing vers naar 44.
    3. Viel de Heilige Geest op allen, dit is dan vers 44. Punt 4 uit de tabel verschillende benamingen.


    In dit tekst gedeelte vinden wij tevens antwoord wat er precies gebeurde:
    Er werd in tongen gesproken en God grootgemaakt (vers 46).

    Petrus zegt hierover in Handelingen 11:
    (15) "En toen ik begonnen was te spreken, viel de Heilige Geest op hen, evenals in het begin ook op ons."

    Petrus zegt hier in vers 15 van Handelingen 11: "even als in het begin op ons." Welk begin zal hij bedoelen behalve de Pinksterdag van Handelingen 2. Zelfs is dit dus de aanleiding om heidenen te dopen in water. Dit is dus voor Petrus een duidelijke bevestiging van God. De "ons" waar Petrus het over heeft zijn de aanwezige apostelen en oudsten op het moment van de vergadering van Handelingen 11. De bewering van Petrus "even als in het begin op ons" is dan ook eenvoudig te stafen met een een citaat uit Handelingen 2:

    (4) "en zij werden allen VERVULD MET DE HEILIGE GEEST en begonnen met andere tongen te spreken, zoals de Geest het hun gaf uit te spreken.... (11b) wij horen hen in onze EIGEN TAAL [dus GEEN Hebreeuws met een accent van het Aramees dat in Galilea gesproken werd, dat wat tot dan toe in het openbaar in de Judeese discipelgroep en met Jezus in Judea gesproken hadden, zie vers 7] van de grote daden Gods spreken." (Handelingen 2:4 en 11b uit de NBG 1951-vertaling)

    Kortom in het eind van Handelingen 10 gebeurt exact hetzelfde als in Handelingen 2, wat de doop in de Heilige Geest betreft. Kijk maar wat Petrus verder zegt in Handelingen 11:

    (15) "En toen ik begonnen was te spreken, viel de HEILIGE GEEST OP HEN, EVEN ALS IN HET BEGIN OOK OP ONS (16) En ik herinnerde mij het woord des Heren, hoe Hij zeide: Johannes doopte wel met water, maar gij zult met de [grondtekst= IN (DE)] HEILIGE GEEST GEDOOPT worden. (17) INDIEN NU GOD HUN OP VOLKOMEN GELIJKE WIJZE ALS ONS DE GAVE HEEFT GEGEVEN op het geloof in de Here Jezus Christus, HOE ZOU IK DAN bij machte geweest zijn GOD TEGEN TE HOUDEN?" (Handelingen 11:15-17 uit de NBG 1951-vertaling)

    Om nog een punt te maken, naast de duidelijke verwijzing naar de Handelingen 2 ervaring in vers 15, hierboven geciteerd, wil ik vermelden dat punt 3 uit de tabel "Verschillende benamingen", dat is "de gave van de Heilige Geest ontvangen" hier genoemd in het bovengeciteerde vers 17 wordt ook in vers 38 van hoofdstuk 2 van Handelingen genoemd.

    (38) "En Petrus zei tegen hen: Bekeer u en laat ieder van u gedoopt worden in de naam van Jezus Christus, tot vergeving van de zonden, en u zult de GAVE VAN DE HEILIGE GEEST ontvangen." (uit de Herziene Statenvertaling)

    De context van deze tekst is alles wat zich net bij Handelingen 2 heeft afgespeeld. De gave van de Heilige geest ontvangen is dus gedoopt worden in de heilige Geest. Nu ik zo schrijf en het voor velen kant en klaar is, weet ik, dat een aantal op grond van andere teksten toch nog bezwaren hebben, wat betreft het ontvangen van de Heilige Geest. U kunt later met de nog te maken pagina's in de studie lezen over: Ontvangen van de Heilige Geest en de theologische discussie


    [Conclusie (D): "punten 2, 3 en 4 de NOG ONTBREKENDE PUNTEN uit de tabel NADAT Conclusie (C) WAS VASTGESTELD zijn nu ook behandeld. Ook deze spreken over de Handelingen 2-ervaring. Waardoor wij de Eindconclusie kunnen geven:]

ALGEHELE CONCLUSIE:
ALLE PUNTEN uit de tabel genoemd spreken over ÉÉN EN DEZELFDE HANDELINGEN 2-ERVARING (punten 1 tot en met 7 uit de tabel "verschillende benamingen").
Terug. voortgREF. vooruit.