Het woord wat voor "gedoopt in de Heilige Geest" gebruikt wordt, is "βαπτιζω" (baptizõ) wat onderdompelen, dopen betekend. In het Grieks kent men ook het woord "βαπτω" (baptõ) dit woord betekent ook onderdompelen, dopen. Beide woorden worden altijd gebruikt met het voorvoegsel "in", in het Grieks "εν" (en). (soms gekoppeld aan βαπτω (baptõ) krijg je εμβαπτω (embaptõ)). Maar er is een verschil tussen "βαπτω" (baptõ) en "βαπτιζω" (baptizõ):

Uit het "Bible Study Magazine, James Montgomery Boice, May 1989" komt het volgende gedeelte ik citeer het letterlijk.

"Het duidelijkste voorbeeld dat de betekenis van βαπτιζω (baptizõ) aangeeft is een tekst van de Griekse dichter en geneesheer Nicander, die omstreeks 200 v.Chr. leefde. Het is een recept voor het maken van ingemaakt zuur en biedt hulp omdat het beide woorden gebruikt. Nicander zegt dat, om een zuur te maken, de groente eerst in kokend water "gedompeld" (βαπτω (baptõ)) moet worden en dan "gedoopt" (βαπτιζω (baptizõ)) in de azijnoplossing. Beide werkwoorden betreffen het onderdompelen van groentes in een oplossing. Maar de eerste is tijdelijk. De tweede, de daad van het dopen van de groente, brengt een blijvende verandering teweeg."

Voor het onderscheidt tussen "βαπτω" (baptõ) en "βαπτιζω" (baptizõ) heb ik een heel stel nieuw testamentische teksten vertaald en het grondwoord erachter gezet. Een aantal wil ik u niet onthouden, voor meer klikt u de volgende link.

Mattheüs 3:1 "En in die dagen kwam (komt) Johannes de Doper (βαπτιστης =Baptistés) hij [was] predikende in de woestijn van Judea"



Mattheüs 3:6 "en zij lieten zich dopen (βαπτιζω =baptizõ) in de Jordaan door hem, onder belijdenis van hun zonden."



Mattheüs 3:7 "Maar ziende velen van de Farizeeën en Sadduceeën komende op de doop (το βαπτισμα =to baptisma (zelfstandig naamwoord)) van hem, zei hij hen: Nageslacht van Slangen! Wie heeft u laten weten dat u moet vluchten voor de komende toorn?"



Mattheüs 3:11 "Ik dan doop (βαπτιζω =baptizõ) jullie in water tot verandering van denken, maar Die na mij komt, is sterker dan ik, van Wie ik niet waardig ben de sandalen te dragen; Die zal u in de Heiligen Geest en in vuur dopen (βαπτιζω =baptizõ) ."



Mattheüs 3:13 "Toen kwam Jezus uit Galilea naar de Jordaan tot Johannes, om Zich door hem te laten dopen (βαπτιζω =baptizõ) ." (uit de NBG-1951-vertaling)



Mattheüs 3:14 "Maar deze Johannes hield Hem terug, zeggende: Ìk heb nodig door Jou gedoopt (βαπτιζω =baptizõ) te worden en Jij komt tot mij?"



Mattheüs 3:16 "En gedoopt (βαπτιζω =baptizõ) stond Jezus ineens op uit het water. En zie, tot Hem werden de hemelen geopend, en hij [Johannes] zag de Geest van God nederdalen als een duif en op Hem komen."



Mattheüs 26:23 "Maar Hij antwoordende zei: Die dopende (εμβαπτω =embaptõ) de hand met Mij in de schotel, die zal Mij verraden."



Om het samen te vatten kunnen we dus zeggen dat het Nieuwe Testament altijd spreekt over een blijvende ervaring, wanneer het om de doop gaat1. Het woord dopen, onderdompelen, zonder blijvende ervaring komt alleen voor wanneer Jezus het over het eten heeft, en hoe de anderen daaraan Judas kunnen herkennen. (ter herinnering meer teksten)






Footnotes:
  1. Dit betreft eigenlijk alle christelijke dopen, en zelfs die van Johannes. De Christelijke dopen zijn, de doop in Christus, de doop in water, de doop in de Heilige Geest, de doop in het lichaam (positioneel is dit hetzelfde als de doop in Christus, in praktische uitwerking echter niet), de doop in vuur, de doop in lijden.
Terug. voortgREF. vooruit.